Wijn proeven -
zo doe je dat!
Wijnproeverijen zijn een begrip geworden. Ze worden met grote
regelmaat georganiseerd, maar het is jammer dat vaak de uitleg
van hoe, wat en waar proeven erg gebrekkig is of zelfs helemaal
achterwege blijft. Wij zullen proberen hierover een tipje van
de sluier op te lichten.
Wijn is een natuurproduct. Alle aroma's komen voort
uit het druivensap, ontstaan tijdens de vergisting of later in
de wijn door de reactie tussen verschillende
componenten in de wijn of reacties met zuurstof. De enige smaak
die men kan toevoegen is die van eikenhout. Die wordt door rijping
in eikenhouten vaten aan de wijn afgegeven. Alle aroma's zijn
dus echt puur natuur!
Er zijn een paar hoofdregels die in principe voor
elke deugdelijke wijnproeverij gelden:
- een schone, rustige, goed geventileerde geurarme omgeving
- voldoende licht
- schone, bij voorkeur tulpvormige proefglazen
- spuugbakken, het liefst een 'diabolo’ spuugbak, of een
emmer met zaagsel of houtwol
- voldoende ruimte om proefnotities te kunnen maken
- voor een blindproeverij alle wijnen in dezelfde flessen
- deelnemers die niet te veel parfum of aftershave op hebben
- eventueel wat stokbrood of droge crackers
Dit lijken eenvoudige regels, maar er zijn slechts
weinig proeverijen waar aan alle regels is gedacht. In de nu volgende
uitleg over hoe en wat te proeven zullen enkele Franse begrippen
worden gebruikt, omdat deze zich niet of zeer slecht laten vertalen.
Wij hopen daarom op een beetje kennis van de franse taal of
een goede fantasie.
DE ZINTUIGEN
Bij het proeven wordt van de volgende organen gebruik
gemaakt; OGEN, NEUS, MOND.
DE OGEN
Hiermee bekijken en beoordelen we de wijn op:
Kleur :
Er zijn twee aspecten die kunnen worden beoordeeld; de intensiteit
en de nuance van een kleur. Vaak worden deze twee termen aan elkaar
gekoppeld. De
kleur kan het best worden bekeken tegen een witte, lichte achtergrond.
Witte wijn:
Intensiteit: kleurloos, bleek, helder, diep, donker
Nuance: geelgroen, strogeel, goudgeel, ambergeel, geelbruin, oranje
Rosé:
Intensiteit: gris (heel licht), bleek,helder, diep, donker.
Nuance; gris, roze violet, oranje roze (pelure d'oignon), amber
roze, roze bruin.
Rode wijn:
Intensiteit: helder, diep, donker, somber.
Nuance: violet rood, robijnrood, granaatrood, dakpan rood, roodbruin,
bruin.
Helderheid:
troebel, licht troebel, wazig, helder
Schittering:
mat, fonkelend, kristalhelder (bekijken
tegen een licht bron).
Dichtheid:
vloeibaar, dicht, dik, stroperig. Hier
maakt men gebruik van het 'tranen' van de wijn, dat men waarneemt
als een dunne 'film' van wijn die naar beneden zakt na het ronddraaien
van het glas.
DE NEUS
De neus is een uiterst gevoelig orgaan dat een zeer belangrijke
rol speelt bij het proeven. Er zijn elementen, zoals bijvoorbeeld
mercaptaan, die tot op één miljoenste gram per liter
lucht kunnen worden waargenomen. De neus neemt op twee manieren
geursignalen waar:
1) via olfaction - geuren die worden waargenomen door de
lucht via de neus in te ademen
2) via retroolfaction - geuren die via de mond in de neus komen.